Hier fehlt noch ein Stück. Das müssen wir noch (toevoegen) ........ .

ergänzen (die Ergänzung): aanvullen/toevoegen in de breedste zin, dus niet enkel voor legpuzzels
einfüllen: vullen, gieten in (bijv. vloeistof in een fles)
Ook de oplossing in een woordpuzzel wordt eingefüllt,
nadien is de plek ausgefüllt (opgevuld).
ausfüllen: formulier/plek invullen
Ein- und ausfüllen wordt in de praktijk soms door elkaar gebruikt.
eingrenzen: beperken / een markeringslijn (grens) trekken
Der Chef will eine Mitteilung machen und lässt ausrichten, dass wir alle in den Sitzungsraum kommen ........ .
Ook bij het doorgeven gebruik je sollen voor de opdracht van een 'gezaghebbende'.
In een formele situatie, bijvoorbeeld tegenover een zakenpartner: "Sie möchten bitte in den Sitzungsraum kommen."
müssen: het onvermijdelijke moeten
Wenn der Chef sagt, ich soll das tun, dann muss ich das tun.
dürfen: mogen, toestemming hebben
ausrichten: doorgeven
Bitte richte deinen Eltern schöne Grüße von mir aus.
Drie van deze uitdrukkingen geven aan dat iets behoorlijk mis is gegaan en je nu met de brokken zit.
Welke uitdrukking heeft een ANDERE BETEKENIS?
Het juiste antwoord is dus de ‘foute zin’. Der / ein Ballermann: zuipkroeg (oorsprong is een roemrucht uitgaansgebied op Mallorca met deze naam). Je komt deze uitdrukking vaak tegen als het om luidruchtig vermaak met alcohol gaat.
Schöne Bescherung: afgeleid van die Bescherung = cadeauverdeling op 24 december.
Der/das Schlamassel: sores, im Schlamassel sitzen (in de penarie zitten).
Voll daneben: helemaal fout gelopen (völlig schief gelaufen).
Ook: Je zit er helemaal naast.
Ook vaak gebruikt wordt de uitdrukking: "Da haben wir den Salat."
Er kann (noch) ........ lesen (noch) ........ schreiben.

noch ... noch = weder ... noch: niet het een noch het ander
entweder ... oder = of ... of, stelt de keuze: het een of het ander
De twee andere opties bestaan niet.