Sie (vroeg hem) ........ nach seiner Meinung.
![]()
Fragen heeft de vaste 4e naamval (net als bitten).
Gebruik eventueel het zoekveld op de menupagina voor meer voorbeelden met fragen.
Fragen wordt tegenwoordig zwak vervoegd: fragen - fragte - gefragt.
Tot in het begin van de 20e eeuw was de verleden tijd nog frug.
Je ziet door de bomen het bos niet meer.
Man sieht ja vor lauter (3e naamval) ........ den Wald nicht mehr.
Der Baum - die Bäume, volgens de hoofdregel voor meervoud: mannelijke woorden krijgen in het meervoud meestal een umlaut en de uitgang -e. (Uitzonderingen: Busse, Hunde, Kuchen, Punkte, Schuhe.)
3e naamval meervoud: alle onderdelen van de woordgroep krijgen de uitgang -n.
Vor lauter: alleen maar, niets anders dan, vaste combinatie met de 3e naamval.
Mein Neffe ist Betriebswirt: Mijn neef is ........ .
bedrijfskundige, bedrijfseconoom (business administration)
studievak/discipline: die Betriebswirtschaft, die Betriebswirtschaftslehre (BWL)
der Volkswirt (VWL): gaat over macro-economie
combinaties met -wirt: der Landwirt (agrariër), der Hauswirt (verhuurder of huishoudelijke vakkracht) en enkele meer.
der Wirt: de waard, kastelein
belastingadviseur: Steuerberater
restaurateur: Gastronom (horeca), Restaurator (antiek e.d.)
accountant: Wirtschaftsprüfer, controleert jaarrekeningen. Het beroep wordt gezien als publiek ambt waarvoor een beroepseed moet worden afgelegd.
der Neffe: zoon van je broer of zus
lijst van beroepen D-NL:
https://de.wiktionary.org/wiki/Verzeichnis:Niederl%C3%A4ndisch/Berufe
Drie van de woorden drukken 'enthousiasme' uit.
Welk woord PAST NIET in de rij?

der Firlefanz: flauwekul, franje, overbodige tierelantijn
Voor 'onbelangrijk gedoe' ook: Wischiwaschi, Papperlapapp, Pillepalle.
eine Wucht!/Bombig!: een topper, een geweldige klapper!
die Wucht: kracht, hevigheid
irre: te gek! (Ook voor verbazing: Das ist ja irre.)
Nu in zwang: Das ist der Hammer!